Soms lijkt het alsof samenwerkingsverbanden als paddenstoelen uit de grond schieten. Soms zijn het samenwerkingen intern in het UMCG, soms zijn er externe partijen bij betrokken. Het ene blijkt heel succesvol, het andere blijft bij een mooi idee. Maar hoe kan een samenwerkingsverband slagen?

Drie UMCG-medewerkers vertellen over de lessen die zij hebben geleerd en wat hen drijft in een waardevolle samenwerking. Zo leert Joke Fleer medewerkers en studenten hoe je om kan gaan met werkdruk, ze is de motor achter het expertisecentrum voor persoonlijke ontwikkeling SCOPE. Annet Dijkstra laat twee afzonderlijke oncologiepoliklinieken samenwerken door nieuwsgierig te zijn. En Peter Wijkstra stimuleerde onderzoek en samenwerking op gebied van thuisbeademing.

Joke Fleer: ‘Sta af en toe stil, dat geeft ruimte’

Joke Fleer staat buiten tegen een bankje naast de faculteit Gezondheidswetenschappen.
Joke Fleer is adjunct-hoogleraar Gezondheidswetenschappen.


Krijg sturing op je leven

Joke: ‘Je krijgt meer sturing op je eigen leven als je jezelf kent, weet waar je naartoe wil en wat je nodig hebt om dit te bereiken. Stel jezelf vragen als: Hoe voel ik me? Waar krijg ik energie van? Wat kan ik nu het beste doen om mijn doel te halen? Het leven is tegenwoordig zo veel onrustiger dan de tijd voordat er telefoons, social media en e-mail waren. We staan continue aan en zijn veel in contact met elkaar, waardoor het makkelijk is jezelf, je behoeftes en je doelen uit het oog te verliezen.’ 

Zelfkennis en nieuwsgierigheid

‘Zelfkennis en oprechte nieuwsgierigheid naar anderen zijn belangrijk voor een goede samenwerking’, zegt Joke. ‘Het helpt als je je inleeft in anderen en luistert, wat uitdagend kan zijn als er weerstand is. Iedereen heeft zijn of haar eigen wijsheid en van iedereen kan je leren, dus neem ieders mening, visie of emotie serieus. Dan kom je op één lijn en kan je als team gezamenlijk doelen stellen, waar iedereen achter staat. Een voorbeeld waar ik zelf mee te maken had, was tijdens het opzetten van het expertisecentrum voor persoonlijke ontwikkeling SCOPE. Het opzetten ging lang niet perfect, maar we hadden een gezamenlijke stip op de horizon. Daardoor lukte het ons om met tegenslagen om te gaan en energie te houden.’

Ga eens eerder naar huis

‘Als leidinggevende wil ik graag dat mijn medewerkers een stabiele basis bij mij hebben. We werken hard, maar er is ook ruimte voor zelfzorg. Ik geef hen mee dat het goed is om af en toe afstand te nemen van het werk’, legt Joke uit. ‘Ga eens eerder naar huis, wandel, spreek met mensen af of ga de tuin in. Juist als je bent vastgelopen in een project of als je veel stress ervaart. Vertrouw erop dat de beste gedachten en ideeën komen als je radicaal iets anders doet of rust neemt en pak later het werk weer op. Werk gaat beter, als je ruimte en rust in je hoofd voelt.’

Hoe pak je dan die rust?

Joke: ‘Vind je het lastig om die rust te pakken? Leer jezelf aan om jezelf geregeld kort te scannen op hoe je erbij zit. Bijvoorbeeld als je de deurkruk vastpakt of naar het toilet gaat. Dit lijkt misschien banaal, maar als je af en toe stil staat bij hoe je je voelt, kan je beter bepalen wat je nodig hebt, zodat je daarnaar kan handelen. Zo loop je jezelf minder snel voorbij en leer je om jezelf minder weg te cijferen. Kortom, sta stil, dat geeft ruimte.’

Annet Dijkstra: ‘Zoek elkaar op en praat met elkaar’

Annet Dijkstra staat op een balustrade, in de buurt van de poliklinieken.
Annet Dijkstra is polimanager van polikliniek Oncologie 1 en 2. 


De mens centraal

Annet: ‘Soms vergeten we om nieuwsgierig te zijn en om ons heen te kijken. Bijvoorbeeld omdat we het te druk hebben of omdat we gewoon gewend zijn om iets zo te doen. Maar als je nieuwsgierig bent, sta je open voor nieuwe ideeën. En zo kunnen nieuwe samenwerkingen ontstaan die helpen en energie geven. Om een samenwerking te laten slagen, moet je altijd praten met elkaar. Praten over het doel, hoe iedereen in de race staat en hoe het met elkaar gaat. Voor verandering heb je altijd de mens nodig, dus die staat bij mij altijd centraal.’

Eerst apart, daarna samen

‘Ik wilde dat de beschouwende en snijdende Oncologie poliklinieken elkaar beter leerden kennen. Op deze poliklinieken werkten medewerkers op zijn of haar eigen manier, waarbij er weinig kennis en verbinding was in de werkprocessen van elkaar. Met name binnen de medische administratie konden we nog veel van elkaar leren', vertelt Annet. ‘Dat ze met elkaar samenwerken is zo belangrijk voor de patiënt. Een patiënt moet bijvoorbeeld soms eerst chemotherapie ondergaan, voordat de chirurg de tumor operatief verwijdert -of andersom. Toen ik begon als manager, heb ik eerst met de betrokkenen van beide poliklinieken afzonderlijk gepraat. Zo kreeg ik gevoel bij de drijfveren van iedereen en van hun manier van werken. Daarna zette ik langzamerhand mensen van verschillende specialismen bij elkaar als ik zag dat ze samen iets konden verbeteren. Dat was spannend, juist omdat iedereen een bepaalde manier van werken gewend was.’

Ruimte voor verandering

‘Doordat de werkprocessen meer op elkaar zijn afgestemd en beide groepen elkaar nu beter kennen en begrijpen, is er ruimte voor verandering. Zo zijn werkprocessen en -instructies nu niet meer dubbel en is alles op een algemenere manier ingericht en vastgelegd. Naast dat dit veel tijd bespaart, werkt dit efficiënter en uniformer voor de patiënt. Het doel is om het voor de patiënt allemaal gestroomlijnder en gemakkelijker te maken tijdens de oncologische behandeling, waarbij we ons blijven inzetten om nog betere zorg te leveren', legt Annet uit.

Annet: ‘Mijn belangrijkste tip om samen tot verandering te komen? Zoek elkaar op en praat met elkaar. Wees niet bang om te doen wat jij belangrijk vindt en daarbij fouten te maken. Iedereen doet dingen op zijn of haar eigen manier, wees vooral écht trots op wat je doet.'

Peter Wijkstra: ‘Een goede verstandhouding met iedereen werpt zijn vruchten af’

Peter Wijkstra zit in een ruimte met thuisbeademingsapparatuur.
Peter Wijkstra is longarts in het UMCG.


Nieuw imago voor thuisbeademing

Peter: ‘Patiënten die thuisbeademing krijgen, zitten vaak in een rolstoel. Daardoor zijn ze beperkt in hun mogelijkheden en kunnen ze niet alles doen wat ze zouden willen. Met onderzoek wilde ik aan iedereen laten zien dat door thuisbeademing we hen een betere kwaliteit van leven kunnen geven. Echter toen ik in 2000 begon als longarts in het UMCG, werd er bijna geen onderzoek gedaan binnen de thuisbeademing, waardoor er ook weinig nieuwe technieken en inzichten ontstonden. Om dat te veranderen, is de focus in de eerste jaren vooral op onderzoek gelegd.’

Omgaan met karakter- en machtsverschillen

‘Tegelijkertijd had het ministerie van VWS vier centra voor thuisbeademing in Nederland samengesteld, maar er was toen geen sprake van een vruchtbare samenwerking’, vertelt Peter. ‘De centra waren niet even groot, hadden verschillend beleid, en karakter- en machtsverschillen tussen de centra stonden samenwerking in de weg. Maar om met onderzoek echt wat te kunnen betekenen voor de patiënt, moesten we juist kennis en krachten bundelen met andere centra.’

Geven en nemen

Peter: ‘Wij hebben geleerd dat als mensen een andere kant op willen dan jij, terwijl je elkaar nodig hebt, je toch moet openstaan voor die ander. Je moet samen op zoek naar een oplossing, dus zoeken waar je elkaar wél kan vinden. Accepteren dat het geven en nemen is, vond ik in het begin moeilijk. Maar een goede verstandhouding met iedereen hebben en houden, heeft duidelijk zijn vruchten afgeworpen.’

Mooie dingen 

‘Nu hebben wij als centra een unieke samenwerking op het gebied van thuisbeademing en kunnen we echt wat betekenen voor patiënten’, zegt Peter. ‘Zo zijn we nu bezig met de ontwikkeling dat patiënten die moeten starten met beademing, thuis kunnen blijven in plaats van dat ze naar het ziekenhuis moeten. Dat is niet alleen veel makkelijker voor de patiënt, maar ook voor de mantelzorgers en hulpverleners. Ik vind het geweldig dat we nu zorg op maat leveren en mooie dingen doen voor patiënten.’