Het AIOS-CO traject

In de opleidingsregio Noord- en Oost-Nederland moeten jaarlijks ruim 450 coassistenten vier weken stage lopen in een huisartsenpraktijk. Het AIOS-CO traject draagt – al is het maar een beetje – bij aan het oplossen van de puzzel om alle coassistenten een plek te geven. “Ik had al eerder een coassistent begeleid, maar kreeg toen een mail dat ze nog steeds nieuwe plekken zochten. In de praktijk in Woldendorp vonden we het allemaal prima en ik vond het hartstikke leuk om te doen”, vertelt Joost.

“Ik geloof er erg in dat de coassistenten al best veel kunnen. Het liefste heb ik dus dat iemand zelf een spreekuur draait en dat we dan met elkaar de overwegingen doornemen. We komen er dan altijd uit en leren ook nog eens van elkaar. Jelmer kwam net uit een ander coschap en nam die kennis daarvan mee. Dit zal m’n hele loopbaan zo blijven, dat je blijft leren van een ander. Iemand die het net even wat anders of net wat slimmer doet.”

Joost is inmiddels beëdigd als huisarts en werkt als waarnemer in Blauwe Stad. Hij wil graag blijven opleiden en begeleiden. “Iedereen heeft andere werkwijzes en karakters. Dat zien houd je lenig als arts. Als ik zelf praktijkhouder ben, wil ik weer coassistenten begeleiden. Ik vind het zeker geen last, maar juist erg verfrissend. Het geeft een coassistent vertrouwen, en hun leercurve schiet dan echt omhoog.” Zijn opleider in Woldendorp Ingrid Gerrits faciliteerde graag het AIOS-CO traject: “De kleinschalige setting in onze huisartsenpraktijk op het platteland geeft ruimte voor intensieve en persoonlijke begeleiding. Als aios kun je echt maatwerk bieden en een grote rol spelen in de ontwikkeling van de coassistent. Onderwijs is ook groeien, voor de opleider, de aios en de coassistent.”

Het AIOS-CO traject
v.l.n.r. Joost Steen, Ingrid Gerrits, Jelmer Bakker Fotograaf: Henk Veenstra

Geen rigide systeem

Samen groeien was wat Joost en Jelmer hebben gedaan dit jaar. Kersverse huisarts Joost is erg te spreken dat de Huisartsopleiding blijft ontwikkelen. “Ik ben blij dat de opleiding openstaat voor dit soort dingen, of dat een aios bijvoorbeeld zes weken naar Lesbos gaat om daar vluchtelingengeneeskunde te doen. Dat vind ik een mooie ontwikkeling, want daarvoor was het een rigide systeem. Terwijl dit soort constructies juist heel leuk zijn. Je leert ervan.”

Minder afstandelijk

Jelmer is zesdejaars student Geneeskunde. Hij zag het voordeel wel van een aios als begeleider. “Ik merk dat als iemand wat jonger is, die wat meer benaderbaar is. Een aios weet nog goed hoe het was om coassistent te zijn. Wat oudere specialisten zijn soms wat afstandelijker. Ik was dus in het begin heel erg op mijn hoede”, zegt Jelmer. Zijn begeleider Joost was maar zeven jaar ouder. De student Geneeskunde is vooral te spreken over de vrijheid die hij kreeg. Ze zagen een paar patiënten samen en daarna mocht Jelmer het zelf doen. “Ik kon echt een beetje voelen hoe het is om huisarts te zijn. Ik kwam er vaak niet uit en kon dan overleggen. Ik kreeg ook alle tijd voor de patiënten.”

Joost herinnert zich nog goed dat Jelmer een patiënt had gezien met lage rugklachten. De coassistent stelde voor om leefstijladviezen te geven, nadat allerlei onderzoeken niets hadden opgeleverd “Ik dacht nog bij mezelf: succes hiermee! Hij zal zo wel terugkomen en zeggen dat het niet gelukt is. Maar wonderbaarlijk ging dat dus wel goed. Hij had alle tijd voor patiënten, waardoor ze zich ook echt gehoord voelden. Je moet er vertrouwen in hebben dat een coassistent het kan, en ik geloof daar echt in”, blikt de begeleider terug.

Visites rijden

Jelmer vond het een leuke ervaring om mee te gaan visites rijden. “Normaal werk je in een ziekenhuis en ben je opgesloten op een poli of in een OK. Nu ging ik de provincie in! Het was nog wel spannend die ene keer met de sneeuw. Toen moesten we 200 meter achteruit over een besneeuwd paadje.” “Het was zo’n afgelegen plek waar die patiënt woonde”, vult Joost aan. Een van de visites was een hele bijzondere voor de coassistent. “Meteen in mijn eerste week was er een euthanasie. Het was uniek dat ik dat in mijn coschap kon meemaken en mocht helpen bij het klaarmaken van de medicatie. Ik vond het wel een beetje spannend, maar vooral heel bijzonder dat ik erbij mocht zijn. Het was heel mooi hoe het ging, de patiënt was er echt aan toe en de familie zat erbij en hielden de handen vast. Het was goed om te zien hoe mooi zoiets kan zijn.”

Gelukkig als huisarts

Het staat niet bovenaan het lijstje van Jelmer om huisarts te worden. “Maar als het me niet lukt om traumachirurgie of orthopedie te gaan doen, weet ik dat ik ook gelukkig ga worden als huisarts. Dat had ik voor deze stage echt niet gedacht. Ik dacht dat het echt overleven zou worden die vier weken in Woldendorp. Dat als het interessant zou worden, je patiënten doorstuurt. Maar ik vond het hartstikke leuk hoe breed je bezig bent. Zo’n groot stuk van de zorg wordt opgelost in de huisartsenzorg, maar een klein deel wordt doorgestuurd.”